5. Beroemde bakkers

5.1. Stijn Streuvels

Stijn Streuvels (psuedoniem van Frank Lateur) werd geboren op 3 oktober 1871 in Heule, een dorp in de directe nabijheid van de stad Kortrijk als Franciscus Petrus Maria Lateur en zijn roepnaam was Frank. Hij was niet de zoon van een bakker, zoals vaak wordt beweerd, maar van een kleermaker. Deze kleermaker, Camille Lateur, was getrouwd met Louise Gezelle, een zuster van de grote dichter Guido Gezelle.

Frank bracht zijn kinderjaren door te Heule, waar hij het lager onderwijs volgde. Hij leed aan een minderwaardigheidsgevoel dat aanleiding gaf tot een geldingsdrang. Hij werd leerling aan het Sint-Jan-Berchmansinstituut te Avelgem, waar zijn literaire begaafdheid voor het eerst tot uiting kwam.

Stijn Streuvels en priester Verriest

De jonge Frank aardde niet binnen het keurslijf van het onderwijs en in 1885 verliet hij de school om het vak van bakker te leren. Hij ging aan het werk als leerling-bakker bij twee broers van zijn vader, die bakker waren. In hun bakkerij, waar de conversatie zeldzaam was, besteedde Frank zijn vrije uren aan het kennismaken met alle teksten, die hij maar kon vinden. Daar maakte hij kennis met de stiel en later in bakkerijen in Kortrijk en Brugge. In 1891 vestigde hij zich als bakker te Avelgem.

Rond 1894 begon hij zelf met schrijven en publiceerde in vrij onbekende tijdschriften. De publicatie van zijn werk in het vrijzinnige tijdschrift "Van Nu en Straks" was tegen het zere been van zijn katholieke familie, in het bijzonder van zijn oom de priester-dichter Guido Gezelle.

Emmanuel de Bom en Karel van de Woestijne ontmoetten Streuvels voor het eerst op 5 juli 1896 in Gent. Deze ontmoeting is bepalend voor de verdere ontwikkeling van Streuvels. De Bom ontwikkelt zich tot mentor en klankbord. Er volgt een correspondentie, die bij vlagen uiterst intensief is en er ontstaat een vriendschap voor het leven. Dit schreef bakker Streuvels aan De Bom naar aanleiding van deze eerste kennismaking met literatoren :

"Zondag laatst, als u allen vertrokken waart en ik mij daar heel alleen bevond in mijn vuil, warm waggon, heb ik mij dan, uitgestrekt leggen te lachen en te overpeinzen wat ge zoo al moogt verziert hebben over mijn persoontje...: dat ge zoo goedsjeudig meendet dat ge met een boer te doen hadt,...een koster (?) of schoolmeester misschien, en toen ik u, op 't laatste stekje bekend maakte met mijn professie - dat was kostelijk bz. om Karels aanzicht te zien - en dan die trein die schuifelde en me ver weg voerde, weer naar mijn streken; 'k heb gehertig gelachen !"

Zijn eerste verhalenbundel, Lenteleven (1899), maakte hem onmiddellijk bekend. In 1905 verliet hij de bakkerij en vestigde hij zich te Ingooigem op het "Lijsternest" waar hij na zijn huwelijk met Aldia Staelens is blijven wonen.

Zijn eerste periode, tot ongeveer 1902, kenmerkt zich door zijn bewondering voor de natuur, die hij impressionistisch beschreef in "Zomerland en Zonnetij" uit 1900. Hierna werd hij een allesziend waarnemer van eenvoudige mensen, zo o.a. in "Minnehandel" (1903) en "Dorpsgeheimen" (1904).

"Dorpsgeheimen I" omvatte de verhalen "De Lawine", "Bertken en de moordenaars alle twaalf" en "Jante Verdure". Dit laatste is een roman over een bakker. Met sfeervolle beschrijvingen neemt hij de lezer mee naar de bakkerij met "de lekk're geur van wafels, koekedeeg en lukken". Een lukke is een ovaalvorming dun, stevig wafeltje van Vlaamse bodem, onsterfelijk gemaakt door Stijn Streuvels in deze roman. Een rasechte westvlaming heeft me verteld dat het woord komt van "geluk". De wafeltjes werden gebakken ter gelegenheid van de jaarswisseling en aan familie, vrienden en kenissen uitgedeeld om hen een gelukkig nieuwjaar te wensen.

Oorspronkelijk werden de lukken gebakken met echte boerenboter. Voor 50 lukken van 40 gram heeft men, naast een snuifje kaneel, volgende ingrediŽnten nodig :

ingrediŽnt

hoeveelheid

tarwebloem

1000 g

boerenboter

400 g

suiker

350 g

bruine suiker

150 g

eieren

150 g

vanillesuiker

50 g

zout

5 g

De bereiding gaat als volgt : meng de bloem, de suikers, het zout en de vanillesuiker. Voeg daarna de boter toe en kneed daarna onder toevoeging van de eieren tot een homogeen deeg. Verdeel het deeg in 50 gelijke stukjes. Vorm hiervan bolletjes en modelleer ze dan staafvormig. Bak de lukken in enkele minuten bruin af in een voorverwarmd wafelijzer dat lichtjes ingevet is met olie of boter. Gebruik een fijngeruit ijzer.

"Jante Verdure" werd in 1943 als afzonderlijk werk uitgegeven. Maar terug naar het leven van Stijn Streuvels als schrijver. "De Vlaschaard" uit 1907 legt de klemtoon op de verbondenheid van mens en natuur. In "Prutske" (1922) en "Alma met de vlassen haren" (1931) gaat zijn aandacht dan weer uit naar de psyche van het kind. Zijn meesterwerk is "Leven en dood in den ast", verschenen in de bundel "Werkmenschen" uit 1926.

Stijn Streuvels

Hij was eredoctor van de universiteiten te Leuven (1937) en te MŁnster (1941) en van de Universiteit Suid-Afrika te Pretoria (1964). In 1962 werd hij onderscheiden met de Prijs der Nederlandse Letteren. Het Lijsternest is sinds 1980 het Stijn Streuvelsmuseum.

Voor de meeste literatuurkenners is Streuvels een van de voornaamste Vlaamse prozaschrijvers van zijn tijd, wiens kunst door iedere generatie opnieuw wordt gewaardeerd, omdat zij er ook telkens weer nieuwe facetten in ontdekt. Het is vooral het scheppend proza waarin Streuvels' oorspronkelijkheid van visie en stijl het sterkst tot uitdrukking komt

Stijn Streuvels overleed op 15 augustus 1969 te Ingooiem.



e-mail
NoŽl Haegens

Home